voorpublicatie

Uit: ‘Denk je dat je mij kunt helpen?’

Enkele bladzijdes uit het boek 'Denk je dat je mij kunt helpen?' van Loes Vork en Adriaan van ’t Spijker. Hoe is het om in therapie te zijn?

19 december 2022

Loes Vork liep vast, en vroeg hulp aan psycholoog en psychotherapeut Adriaan van ’t Spijker. In dit boek ervaar je het proces van therapie zowel vanuit Loes als vanuit Adriaan. Meer over het boek.

Denk je dat je mij kunt helpen Loes Vork Adriaan van ’t Spijker

(tekst Loes)

De eerste afspraak

Ik sta stijf van de zenuwen en heb spijt dat ik de afspraak heb gemaakt. Straks is de therapeut iemand met wie ik helemaal geen klik heb of zegt hij dat hij me niet kan helpen. Straks vindt hij me gek.

Besluiteloos ben ik ook. Zal ik met de fiets gaan of met de bus? Waar is het precies, hoelang doe ik erover, hoe moet ik lopen? Lukt dat met mijn geblesseerde voeten? Uiteindelijk neem ik de bus en ben ik veel te vroeg.

Ik vind het adres, ik bel aan, hij doet open, geeft me een hand en stelt zichzelf voor. Adriaan. Het is een lange man – ik ben zelf ook lang. Er staan vier stoelen. Op goed geluk neem ik er een.

Adriaan gaat tegenover me zitten. Ik kan hem niet aankijken en durf ook amper om me heen te kijken in zijn spreekkamer. Er is een vloerkleed, een vacht, daar kan ik wel naar kijken. Het kleed geeft me houvast. Mijn stoel staat er met één poot op, ik verzet hem zodat het er twee zijn.

Waarschijnlijk is mijn verhaal warrig en onvolledig. Maar aan het einde van ons gesprek zegt de therapeut: ‘Ik denk dat ik je wel kan helpen.’ Daar klamp ik me aan vast. We maken een afspraak voor volgende week, ik krijg een hand, ik dwing mijzelf hem daarbij aan te kijken en ik sta weer buiten.

Hij kan me helpen! Dat betekent dat ik me beter kan gaan voelen. Ik voel me blij en verdrietig tegelijk. Zwaar ook. En rustiger. Heel voorzichtig en langzaam, voetje voor voetje, loop ik terug naar de bus.

 

(tekst Adriaan)

Bouwen aan vertrouwen

Het is altijd een beetje spannend als er een nieuwe cliënt komt. Soms spreek ik iemand aan de telefoon, soms krijg ik een mail en soms heb ik alleen een verwijzing van de huisarts. Bij telefonisch contact krijg ik al een indruk van de persoon. Hoe snel praat iemand, hoeveel emotie is er voelbaar, hoe oud klinkt iemand, hoeveel ruimte is er in het gesprek voor vragen? Dit beeld kleurt natuurlijk het eerste gesprek.

In de ongeveer twintig jaar dat ik nu werk als psychotherapeut gebruik ik verschillende manieren om het eerste gesprek te beginnen. Soms start ik met iets gemakkelijks of vertel ik iets over mijn praktijk. Dat helpt mensen om zich wat meer op hun gemak te voelen, denk ik. Soms vraag ik gelijk: ‘U bent doorverwezen, vertel eens, wat is er aan de hand?’ Dat is kwetsbaar voor de ander, maar het haalt ook meteen de druk van de ketel. Ik weet niet zo goed wat prettiger is.

Echt gemakkelijk lijkt het me niet, want je komt bij een wildvreemde therapeut en weet dat die allerlei vragen over jou gaat stellen. Je moet over jezelf vertellen, wat veel mensen lastig vinden. Tenminste, als het echt over jezelf gaat en het dieper gaat dan ‘Wat voor werk doe je?’ en ‘Waar woon je?’ Ik stel vragen over je gevoel, over je gedachten, over waar je vandaan komt en over wat je wilt bereiken. Pittige vragen voor een eerste gesprek.

Ik vind het vooral belangrijk om het vertrouwen te laten groeien. Vertrouwen dat we samen een oplossing kunnen vinden voor wat er aan de hand is. Vertrouwen dat ik je kan helpen. Want als dat vertrouwen er niet is, kom je misschien niet terug en als je niet terugkomt dan kan ik je niet helpen. Dus ik moet er vooral voor zorgen dat je terug wilt komen, nog een keer wilt komen, verder wilt gaan.

Nieuwe cliënten vragen aan mij: ‘Denkt u dat u mij kunt helpen?’ Maar ik denk dat mensen vooral zichzelf kunnen helpen en dat het mijn taak is om de vragen te stellen waardoor ze ontdekken hoe ze zichzelf kunnen helpen. Dat is wat ik in de loop van de jaren heb geleerd: luisteren, en bij wat ik hoor vragen stellen die net even verdergaan dan waar mensen zelf aan denken. Ik heb inmiddels ervaren dat bijna iedereen – met de hulp van mijn vragen of die van een van mijn collega’s – in staat is om zichzelf te helpen.

 

Geïnteresseerd?

 

Lees ook het interview met Loes over haar ervaringen “Losser, blijer en lichter dankzij therapie”