Dat teveel eten kan verwijzen naar een gestoorde emotionele huishouding is bekend bij allerhande specialisten, maar dat er in de zorg beleid op wordt gemaakt is helaas veel minder het geval, aldus Bram Bakker.

Onlangs mocht ik op een nascholingsbijeenkomst voor professionals uit de GGZ een verhaal houden over eetstoornissen. En daarom ging ik me weer eens verdiepen in dit onderwerp, dat nog altijd een klein en specialistisch deelterrein vormt binnen diezelfde GGZ. De geringe aandacht voor eetstoornissen bij professionals in mijn vakgebied is nog enigszins begrijpelijk als je naar anorexia nervosa, de meest berucht eetstoornis, kijkt. Het is een zeer ernstige stoornis, waar relatief zelfs veel mensen aan overlijden, maar het blijft ook een relatief zeldzame aandoening.

De andere bekende eetstoornis, bulimia nervosa, komt meer voor, en is gemiddeld genomen ook minder ernstig. Beide kwalen worden overwegend met psychotherapie behandeld, en medicijnen die goed helpen zijn er niet en lijken er voorlopig ook niet te komen. Medicatie is hooguit een extra steun in de rug in geval de patiënt bijvoorbeeld ook depressief is.

Een derde, maar veel minder bekende eetstoornis, is de zogenaamde ‘binge eating disorder’, die ook wel (vr)eetbuistoornis wordt genoemd. Veel psychiaters en psychotherapeuten zullen deze diagnose nog nooit gesteld hebben, omdat ze niet gewend zijn om het eetgedrag van hun patiënten standaard gedetailleerd uit te vragen. Vreetbuien zijn omgeven met schaamte (welke psychische stoornis eigenlijk niet?) en de kans dat iemand spontaan opbiecht dat hij of zij soms in tien minuten de halve koelkast leeg eet is dan ook niet zo groot. En dus weten we niet precies hoeveel mensen lijden aan deze psychische stoornis.

Je kunt miljoenen investeren in de begeleiding en behandeling van mensen die lijden aan morbide obesitas, maar de achterstand die je hebt op de multinationals die voor het overgewicht hebben gezorgd, loop je nooit meer in. Sterker nog: die multinationals verdienen nog veel meer op de dure ‘slankproducten’ die ze ook fabriceren.

Psychisch probleem
Er valt zelfs te discussiëren of het hier om een psychisch probleem gaat. Op het moment dat je ‘netjes’ verspreid over de dag veel te veel eet heb je namelijk formeel geen psychische stoornis. En het verschil met het hebben van vreetbuien is dan relatief. In beide gevallen resulteert het hoe dan ook in overgewicht, dat op een gegeven moment een op zichzelf staand probleem van zorg kan worden. Je belandt dan meestal niet in de GGZ, maar blijft bij de huisarts, die soms verwijst naar een diëtist of een internist. Vanwege verstoord cholesterol, hoge bloeddruk en/of diabetes. Verwijzing voor psychische begeleiding is zeldzaam.

Niet iedere vorm van problematisch eetgedrag komt in aanmerking voor behandeling in de GGZ, dat begrijpt zelfs een beroeps gedeformeerde professional. Maar tegelijkertijd zie je wel steeds meer mensen spanningen afreageren in eigenaardige eet- en drinkgewoonten. Niet altijd bewust, maar dat maakt het probleem er hooguit ernstiger op. Dat teveel eten kan verwijzen naar een gestoorde emotionele huishouding is op zichzelf wel bekend bij allerhande specialisten, maar dat er in de zorg beleid op wordt gemaakt is helaas veel minder het geval.

En zo kan het gebeuren dat we ons al jaren zorgen maken over het toenemende aantal mensen met overgewicht zonder tastbaar resultaat. Alle goede bedoelingen (en investeringen) ten spijt wordt het gestoorde eetgedrag waaraan we met zijn allen ten prooi zijn gevallen nog altijd niet bestreden op het niveau waarop het zou moeten.

Multinationals
Je kunt miljoenen investeren in de begeleiding en behandeling van mensen die lijden aan morbide obesitas, maar de achterstand die je hebt op de multinationals die voor het overgewicht hebben gezorgd, loop je nooit meer in. Sterker nog: die multinationals verdienen nog veel meer op de dure ‘slankproducten’ die ze ook fabriceren.

Net als op veel andere terreinen in de gezondheidszorg zou ook hier de focus op preventie moeten komen. Met budgetten die vergelijkbaar zijn met die van de hamburgerketens die ons verleiden dik te worden. Zolang de voorlichting over gezonde voeding in het niet valt bij alle marketingactiviteiten van frisdrankfabrikanten en fastfoodketens verandert er niets. En al helemaal niet als we mensen niet gaan leren om na te denken waarom ze iets eten, en wat. Gestoord eten is  een van de meest voorkomende psychische stoornissen.